Schade aan natuur en landbouw door toenemende ganzenpopulatie
REGIO - Het groeiend aantal overzomerende ganzen in ons land veroorzaakt schade in zowel de natuur als de landbouw. Allerlei maatregelen om schade te beperken hebben amper effect en intussen neemt het aantal ganzen nog steeds toe. Het extra werk en kosten die boeren maken om dit probleem enigszins beheersbaar te krijgen, leidt in de praktijk tot groeiende frustraties.
Tijdens een werkbezoek aan enkele natuurgebieden en agrarische bedrijven op Texel bleek gisteren, dat beheerprocedures te lang duren en daarmee ook ontheffingen voor het wegvangen en doden van de dieren. Op Texel loopt onderzoek naar de effectiviteit van diverse beheermaatregelen en ingrepen om de schade te beperken. Dat is niet alleen van belang voor Texel, maar voor de aanpak van de ganzenproblematiek in het hele land.
Op zowel agrarische bedrijven als in natuurgebieden is de schade door het grote aantal foeragerende ganzen goed zichtbaar. In natuurgebieden komen bijzondere plantensoorten zoals harlekijn en keverorchis in de verdrukking of dreigen te verdwijnen. Ook de rijke vegetatie in overgangen van land naar water verschraalt of verdwijnt door ganzenvraat. Voorts worden weidevogels door ganzen verdrongen en de waterkwaliteit van open watersterk af door vervuiling met ganzenpoep.
De schade aan de landbouw zit niet alleen in de gewasschade (die deels wordt vergoed), maar vooral in het vele werk en de extra kosten die worden gemaakt om de schade binnen de perken te houden. Dat gebeurt door vlaggen te plaatsen en meerdere malen te verplaatsten, knalpotten neerzetten, afschot, vergunningen aanvragen, schade aantoonbaar maken, voorzorgsmaatregelen aantoonbaar maken, extra werk met sorteren, extra personeel inhuren om achtergebleven gewassen te verwijderen en sommige gevallen oogstpartijen die worden afgekeurd.
De deelnemers aan het werkbezoek van o.a. Staatsbosbeheer, Natuurmonumenten, Faunafonds, provincie Noord Holland, het ministerie van LNV, LTO Noord, Alterra en de gemeente Texel kregen van boeren te horen, dat de moed hen in de schoenen zakt. Ze raken ontmoedigd omdat genomen maatregelen nauwelijks iets uithalen.
Het aantal ganzen is volgens alle betrokken partijen gewoon te groot en het ganzenprobleem is onderhand onhanteerbaar. In het voorjaar telde Texel 1500 broedparen. Ondanks het schudden en prikken van ruim 8000 eieren was de ganzenpopulatie in juni 2010 gegroeid tot 5500 grauwe ganzen waarvan 2300 jonge ganzen. Dit komt mede door het feit dat ganzen steeds vaker in moeilijk begaanbare gebieden gaan broeden.
Naarmate effectieve maatregelen uitblijven, zullen volgens LTO Noord op den duur alleen nog drastische ingrepen, zoals het wegvangen van ganzen en meer afschot, resteren om de ganzenpopulatie onder controle te krijgen.



